Jan en ik gaan drie weken naar Cuba. Genieten van de zon, de zee, de kleuren, de mensen, de muziek. We zijn benieuwd wat we gaan tegenhouden en houden jullie via deze site op de hoogte.

donderdag, december 23, 2004

Vrienden maken

Inmiddels zijn we ruim twee weken in Cuba. En we hebben al heel wat verschillende mensen ontmoet. Ieder vertelt zijn eigen verhaal, vanuit zijn eigen visie op de wereld. We luisteren en vullen het aan met onze eigen ervaringen en bespiegelingen. En langzaam vormt zich een totaalbeeld van het land, met natuurlijk nog steeds vele gaten.

Rafael is de vrolijk lachende eigenaar van Los Vitrales, een van de mooie koloniale huizen waar we overnacht hebben. Hij spreekt redelijk Engels maar wil ons ook graag Spaans leren. Dus in zijn moederstaal legt hij ons uit wat we allemaal moeten bezichtigen in Camaguey. Het meeste kunnen we best goed volgen en als het even niet lukt gaat hij over op Engels. Als hij hoort dat Jan architect is, gaat hij helemaal los. Want ook hij is architect, gespecialiseerd in het restaureren van de vele koloniale huizen in Camaguay. Hij vertelt enthousiast over de prachtige huizen, kerken en theaters en verontschuldigt zich vervolgens voor zijn vele gebabbel. We glimlachen beleefd en bedanken hem voor alle informatie. Maar in ons langzame tempo kunnen we nooit allemaal bezichtigen wat hij ons heeft aangeraden.

Manuel en Miguel zijn twee muzikanten die met 11 anderen aan het oefenen zijn in de kleine woonkamer van een woonhuis. Ze gebaren dat we naar binnen moeten komen en we genieten twee uur lang van de muziek en de gastvrijheid. Met wat glaasjes rum nemen we afscheid van alle muzikanten en spreken af met de twee jongens de volgende dag samen naar het strand te gaan. We communiceren met handen en voeten, meestal in ons gebroken Spaans en soms in het Engels. Theatersportervaring komt hierbij goed van pas wat de gesprekken steeds een vrolijke wending geeft. We lachen samen heel wat af. Beide jongens waren al jong vader, wat hier heel normaal is, en hebben kinderen bij verschillende moeders. Ze zijn er trots op muzikant te zijn, ook al verdienen ze daardoor maar 5 Cubaanse dollars per maand.

Helga ontmoeten we in Vinales waar ze ineens op de veranda van ons onderkomen staat. Ze blijkt in Havana beroofd en in elkaar geslagen te zijn en zit vol blauwe plekken. Ze is een jaar of 55, een oostduitse voormalig olympische zwemster die al heel wat van de wereld heeft gezien en haar mannetje wel staat. Maar nu is ze behoorlijk van slag. We nemen haar mee naar een cafeetje om wat te drinken en met haar te praten. Deze schaduwkanten van Cuba staan niet in onze Lonely Planet en worden vooralsnog angstvallig verzwegen door de toeristische industrie. Maar het schijnt ook hier steeds vaker voor te komen...