Jan en ik gaan drie weken naar Cuba. Genieten van de zon, de zee, de kleuren, de mensen, de muziek. We zijn benieuwd wat we gaan tegenhouden en houden jullie via deze site op de hoogte.

zondag, december 12, 2004

Bailar in Santiago

AANKOMST
We zijn erdoor! We zijn in Cuba! Het was even zweten bij de douane, vingers gekruist en dan ook nog een heel lang in de rij wachten. Maar uiteindelijk ging Jan er in een recordtijd doorheen (en kreeg ik nog een compliment voor los ogos azuros toe). Met een gedeelde taxi naar het "luxe" Pernik hotel in Holguin waar we doodmoe en met luide televisiegeluiden uit de kamer naast ons in slaap vielen.

Het hotel had een jaren 70 uitstraling met een vervallen grandeur en tegenvallende kamers. Drie sterren? Misschien voor de enorme uitgestrektheid van het gebouw. Je kon er makkelijk verdwalen in de vele gangen en zalen...

HIEP HOERA
En toen was Sabine jarig. Op een klein rond tafeltje had Jan cadeautjes uitgestald, samen met een prachtig blad van een van de bomen daar. Om 9.00 werd er op de deur geklopt. Aan de deur stond een van de hotelbedienden met twee Pina Coladas. Die had Jan de avond tevoren nog stiekem voor mij besteld. (Nog nooit zo vroeg aangeschoten geweest).

Buiten ruik je overal de geuren van dieseldamp, je ziet Amerikaanse sleeen voorbijschuiven en sloffend door de warmte verkenden we de oostblok-achtige woonwijken (compleet met Cubaan die ons in het duits aansprak en bij navraag zijn voor het huis staande motor zelf nog uit de DDR had ingevlogen). In tegenstelling tot de weelderige markten in Azie, is hier vrijwel niets te krijgen; in de bijna lege standjes zijn wat zielige tomaatjes, wat blaadjes sla en gebruikte plastic autootjes te vinden. Alles alleen voor het locale geld te koop.

Via Holguin zijn we in een koude bus naar Santiago de Cuba gereisd. Rafael, een Cubaan die ons bij het busstation aansprak, had ons een adresje gegeven van een casa particulare in Santiago. Bij het busstation in Santiago krioelde het van de touristenscouts die wat van ons wilden. Gelukkig zagen we tussen alle hoofden ineens een bordje "Yann & Sabina" dat een verlegen Vladimir omhoog hield. Hij leidde ons naar een prachtig koloniale "casa" met een rustig binnenplaatsje, weg van de dieseldampen.

Even de stad in voor een hapje ontaarde in een avondje stappen met Cubaan Freekeys. We belandden in een salsatent waar prachtige dames me in het Spaans Happy Birthday toezongen. Natuurlijk moesten we ook dansen, tot we er bezweet bij neervielen.
We zijn nog maar twee dagen onderweg en hebben nu al zoveel meegemaakt en zoveel mensen ontmoet. Dat belooft wat voor de rest van de dagen.